Moerassprinkhaan

Een blijvertje uit het zuiden

De wespspin (Argiope bruennichi) heeft ons land pas in de jaren 90 van de vorige eeuw ontdekt. Hij komt oorspronkelijk uit mediterrane gebieden waar hij zich voedt met sprinkhanen. Ieder jaar zie je hem een stukje oprukken naar het noordwesten van Nederland. In de Bommelerwaard is te spin voor het eerst gezien net na de eeuwwisseling.
De jonge spinnetjes verspreiden zich door zich als een vliegertje aan een spinseldraad mee te laten voeren met de wind. Zo breidt de populatie steeds een stukje uit. Als je de spin ziet, weet je meteen waar hij zijn naam aan te danken heeft. Verder maken ze een wielweb met een bijzonder zigzagpatroon er in.
tekst en foto: Dirk Muller
Waarom hoor je geen sprinkhanen in mei en juni?
Warme lucht, thermiek, roofvogels.

Met brede vleugels naar boven drijven op de warme opstijgende lucht. Dat moet heerlijk zijn. Maar voor het zover is, wordt er eerst een krachtinspanning verwacht. Je moet in de juiste luchtstroom komen. Deze buizerd (Buteo buteo) is net aan begonnen. Met grote slagen vecht hij zich een weg door de lucht op zoek naar thermiek. Eenmaal daar heeft hij een prachtig overzicht van het gebied. En kan hij op zoek naar kadavers en plaatsen waar de kans groot is kleine zoogdieren en amfibieën te vinden. Na een sterke afname van de aantallen buizerds in de jaren '70 van de vorige eeuw bestaat er nu een stabiele populatie van rond de 10.000 broedparen. Dat is te danken aan het verbod op het gebruik van niet afbreekbare pesticiden die zich op kunnen hopen in voedselketen en wellicht ook, een toename in verkeer. Meer roadkill ! Lekker wachten op een paaltje langs de weg tot er weer een mals stukje aangereden dier zich aandient.
Pagina 36 van 37
.jpg)